Zorgen over de VSNU-strategie en Plan S - Hoe komen we tot meer Open Access publicaties?

De ontwikkelingen in de overgang naar Open Access op een rijtje.

23-11-2018 | 16:41

Sinds de lancering van Plan S in september is de discussie over Open Access flink opgelaaid. Er zijn diverse zorgen en de meningen over wat de beste manier is om het uitgeefsysteem te veranderen lopen uiteen. Wat is de strategie van de VSNU en wat heeft dat opgeleverd? Welke aanpak stelt Plan S voor? En welke zorgen leven hierover bij onderzoekers?

VSNU-ambitie: 100 % Open Access in 2020
In 2014 sprak Sander Dekker de ambitie ‘100% Open Access in 2020 voor Nederland’ uit. Hij legde daarbij de focus op Goud Open Access: directe beschikbaarheid van artikelen via peer reviewed journals met een creative commons licentie om hergebruik te stimuleren. De VSNU nam deze ambitie in 2015 over en zet in op een overgang naar 100% Open Access via de zogenaamde big deal-onderhandelingen met de grote uitgevers.

Naar 100% Open Access via de big deal-contracten
Van oudsher onderhandelen universiteiten via hun universiteitsbibliotheken met uitgevers over abonnementen op wetenschappelijke tijdschriften. Zij sluiten big deal-contracten voor een groot pakket aan tijdschriften. Sinds het VSNU open access-project verlengen de universiteiten de big deal-contracten uitsluitend als deze open access publiceren mogelijk maken voor Nederlandse onderzoekers zonder extra kosten. Zo zijn zogeheten hybride journals ontstaan: tijdschriften waarvoor abonnementsgeld betaald moet worden, maar waarin ook artikelen gepubliceerd kunnen worden die voor iedereen toegankelijk zijn. In 2017 was, mede dankzij deze strategie, 50% van de peer reviewed artikelen van de Nederlandse universiteiten open access beschikbaar. Dit is substantieel hoger dan elders in Europa.

De voor- en nadelen van de VSNU-strategie
Het voordeel van de VSNU-strategie is dat onderzoekers kunnen blijven publiceren in hun favoriete journals. Een nadeel ervan is dat uitgevers met hybride journals nog eenvoudiger hun toch al hoge winstmarges kunnen vergroten. Zij krijgen bij hybride journals namelijk  dubbele inkomsten doordat zij abonnementskosten rekenen en daarnaast Article Processing Charges (APC’s) vragen voor het publiceren van artikelen in open access. Dit wordt double dipping genoemd. De VSNU ziet hybride als een overgangsfase waarbij een journal ‘flipt’ als er voldoende volume aan open access artikelen in het journal zit. In de praktijk flippen uitgevers nauwelijks journals naar volledig open access.
Een aandachtspunt is dat big deal-onderhandelingen niet alle journals afdekken, maar zo’n 70%, vanwege de ‘long tail’ van kleine uitgevers. Bovendien worden de publicatiekosten alleen afgekocht voor artikelen waarvan een Nederlandse universiteit of UMC de corresponding auteur levert. Dit betreft zo’n 50% van het totale aantal artikelen met een (co)auteur van een Nederlandse universiteit terwijl het doel is om alle artikelen in open access beschikbaar te hebben.

Plan S verhoogt de druk op uitgevers
Er is dus meer nodig om 100% Open Access voor Nederlandse onderzoeksresultaten in 2020 te halen. Plan S zou dus een steun in de rug van de VSNU-strategie kunnen zijn. Het beoogt ook 100% open access in 2020 en is internationaal van opzet. Tegelijkertijd zet Plan S de VSNU-strategie onder druk omdat artikelen die in een hybride journal worden gepubliceerd straks niet compliant zijn met subsidievoorwaarden. Daar waar de VSNU het systeem van binnenuit wil veranderen, probeert Plan S dit van buitenaf te doen. Uitgevers moeten voldoen aan een set eisen, anders worden de journals uitgesloten.

Zorgen over Plan S
In de onderzoekswereld wordt verdeeld gereageerd op Plan S. Er is waardering voor: de ambitie om het uitgeefsysteem wezenlijk te veranderen, de internationale aanpak, en de kritische blik op winstmarges bij uitgevers. Tegelijkertijd zijn er ook zorgen. Zo zijn er onderzoekers die vrezen dat zij (of hun instituut) straks zelf moeten betalen om te kunnen publiceren. NWO geeft expliciet aan dat publicatiekosten vergoed worden (zie NWO-nieuwsbericht) zodat onderzoekers dit niet zelf hoeven te financieren.

Een ander zorgpunt is dat onderzoekers straks niet meer zelf kunnen bepalen in welk tijdschrift ze willen publiceren. Veel van de high impact journals waarin wetenschappers publiceren, voldoen namelijk nu nog niet aan de eisen van Plan S. Zo wordt de keuzevrijheid dus beperkt. Diverse onderzoekers wijzen op de noodzaak om in high impact journals te kunnen publiceren vanwege carrièreontwikkeling. Als dit niet meer kan, zijn we ook niet meer aantrekkelijk voor onderzoektalent van buiten Europa, betogen ze. Daarnaast is er veel discussie doordat het plan weinig duidelijkheid geeft over de uitvoering in de praktijk. De financiers die Plan S getekend hebben, werken momenteel hard aan verdere concretisering ervan en gaan hiervoor ook een publieke consultatieronde organiseren.

Groen Open Access via de instellingsrepository
Waarschijnlijk gaan de VSNU en Plan S de strategieën de komende tijd meer op elkaar afstemmen. Maar zelfs dan is er meer nodig om 100% open access in 2020 te halen. Hiervoor is groen open access - het delen van werk via de instellingsrepository - van belang. Langs die weg kunnen artikelen die niet direct via Gold Open Access beschikbaar komen, alsnog voor iedereen toegankelijk gemaakt worden (door het uploaden van het full text artikel naar PURE/ de VU Research Portal). De Nederlandse wet geeft elke auteur het recht om wetenschappelijke artikelen, waarvoor het onderzoek geheel of gedeeltelijk op kosten van de overheid heeft plaatsgevonden, na verloop van een redelijke termijn in een Open Access repository te plaatsen. Dit is vastgelegd in artikel 25fa Auteurswet: ‘De maker van een kort werk van wetenschap waarvoor het onderzoek geheel of gedeeltelijk met Nederlandse publieke middelen is bekostigd, heeft het recht om dat werk na verloop van een redelijke termijn na de eerste openbaarmaking ervan, om niet beschikbaar te stellen voor het publiek, mits de bron van de eerste openbaarmaking daarbij op duidelijke wijze wordt vermeld.’ Dit wordt het Taverne amendement genoemd.

Groen OA publiceren makkelijker maken
In de praktijk is Groen OApubiceren echter complex omdat elke uitgever andere eisen stelt. Bijvoorbeeld voor de embargotermijn of voor welke versie (auteursversie of uitgeversversie, preprint of postprint) geplaatst mag worden. De afgelopen jaren is landelijk het percentage groen OA dan ook nauwelijks gestegen. Vanuit de VSNU wordt nu een project voorbereid om Groen OA publiceren makkelijker te maken voor Nederlandse onderzoekers. Hierover kunnen we binnenkort meer vertellen.

De VSNU en Universiteitsbibliotheken doen hun uiterste best om 100% open access in 2020 te halen en onderzoekers te ondersteunen bij Open Access publiceren. We willen onderzoekers helpen om binnen de bestaande wettelijke mogelijkheden hun wetenschappelijk werk breed beschikbaar maken. Dit vergroot de impact van onderzoek en vergemakkelijkt toegang tot waardevolle kennis voor onderwijs, professionals en burgers.

Hoe kun je nu Open Access publiceren en helpen de overgang naar OA te versnellen?
1. Publiceer je in een journal waar een VSNU open access deal mee is gemaakt? Gebruik dan de open access optie in de workflow. Op de UB-website kun je zien met welke uitgevers er OA-deals zijn of gebruik de VU Journal Publishing Guide.
2. Ben je (chief) editor? Bespreek met de redactie op welke wijze het gesprek met de uitgever kan worden aangegaan om te flippen naar open access.
3. Krijg je veel verzoeken voor het doen van reviews? Focus (meer) op open access journals.
4. Doe je een subsidieaanvraag bij NWO, Horizon2020, etc? Vraag gelijk budget aan om open access publiceren mee te bekostigen.
5. Wil je als (co-)auteur je artikel delen en is er geen gold open access deal waar je van gebruik kan maken? Deel je gepubliceerde artikel via PURE /de VU Research Portal.

Vragen over open access? Stel ze via openaccess.ub@vu.nl

Luisternaar de Podcast Library Live over Open Access
Op 15 november spraken we in Library Live met twee VU-onderzoekers, een oud-conrector en een product manager Onderzoek en Implementatie bij KWF Kankerbestrijding over waarom het zo belangrijk is om de resultaten van wetenschappelijk onderzoek voor iedereen vrij toegankelijk te maken. Niet alleen voor de wetenschap maar ook voor leraren en hun leerlingen, huisartsen en hun patiënten.