“We onderzoeken de waarde van oude waterstaatskaarten voor de toekomst”

Student Onur Kose inventariseerde en digitaliseeerde de collecties waterstaatskaarten.

28-09-2018 | 16:40

Van 1865 tot 1990 heeft de Nederlandse overheid Waterstaatskaarten laten maken, vertelt Onur Kose. Hij rondde dit jaar zijn bachelor Aarde en Economie af en werkt deze zomer voor de Universiteitsbibliotheek en het SPINlab aan het inventariseren en digitaliseren van de collecties waterstaatskaarten van de UB.

Verbetering van de afwatering
“Thorbecke gaf Rijkswaterstaat destijds opdracht tot het maken van de waterstaatskaarten. Het doel was verbetering van de afwatering. De kaarten geven de hydrologische situatie fysiek en bestuurlijk weer. Ze bestonden uit 62 bladen. Er zijn vijf edities gemaakt. Ze geven gedetailleerde informatie over: gemalen, sluizen, waterpeilen, peilpunten, de stroomrichting, en polderbeheer.”

Veranderingen in het landschap zichtbaar
“Als je de verschillende edities bekijkt, zie je heel mooi de veranderingen in het landschap. Bijvoorbeeld de inpoldering van het IJ in de jaren zestig-zeventig. In de 1e editie van Amsterdam uit 1966 is het hele Oer-IJ nog te zien. In de tweede editie van Amsterdam uit 1978 is het IJ helemaal ingepolderd.”

Leren van veranderingen in het verleden
“Voor het SPINLab (Spatial Information Laboratory) ben ik bezig met het opzetten van een onderzoeksproject. Het is een opdracht van Rijkswaterstaat om te onderzoeken wat voor waarde deze oude kaarten hebben voor de toekomst. We kijken wat we kunnen leren van veranderingen in het verleden. Wat zijn de gevolgen van ingrepen als zo’n grote inpoldering of van het aanleggen van sluizen? Tot nu toe wordt er bij nieuwe waterstaatsprojecten weinig gekeken naar historische bronnen om te zien wat de gevolgen zijn geweest van ingrepen in het verleden en welke lessen we daaruit kunnen trekken voor de toekomst.”

Uitbreiding VU-collectie waterstaatskaarten
De VU had al een collectie waterstaatskaarten. Die is recent uitgebreid met de aanschaf van de collectie Waterstaatskaarten van de heer Nugter. De UB heeft ook nog een collectie doubletten van waterstaatskaarten. Onur is nu bezig met het scheiden van de doubletten, het kiezen van de beste kaarten en het maken van een heldere inventaris. “Ik kijk ook of er toevallig kaarten tussen zitten die in vergetelheid zijn geraakt die gedrukt zijn maar die eigenlijk niemand heeft.”

Digitaliseren en georefereren kaarten
Daarnaast werkt Onur mee aan het digitaliseren van de kaarten. “We maken eerst een scan zodat we een afbeelding van de kaart hebben. Daarna gaan we die georefereren. Dat doen we met het GIS, het Geografisch Informatie Systeem, een computerprogramma waarin je geodata kan opnemen en met elkaar kan vergelijken.”

Beter doorzoeken en analyseren
We vectoriseren de kaart, legt hij uit. “Dat betekent dat we allerlei informatie-elementen intekenen en van informatie voorzien. Bijvoorbeeld de sluizen, gemalen en molens en hun bouwjaren en door wie de polder bestuurd wordt. De kaart is de onderlegger; je legt het databestand er bovenop. De kaarten worden zo beter doorzoekbaar. Onderzoekers en studenten kunnen ze beter analyseren.”

Uitbreiding van Schiphol
“Door naar die oude kaarten te kijken leer ik heel veel. Je ziet heel veel ontwikkelingen zich voltrekken op die kaarten die je dan herkent. Bijvoorbeeld de uitbreiding van Schiphol. Ik leer ook om echt zelfstandig onderzoek te doen, en kan de kennis uit mijn bachelor toepassen in dit externe project.”

Effecten van ingrepen uit het verleden
“Ik zie enkele trends in de effecten van ingrepen uit het verleden op het landschap, maar ben nog wel voorzichtig. Je ziet bijvoorbeeld dat het aanleggen van schutsluizen in het Noordzeekanaal gevolgen heeft voor het aangrenzende polderland. Met het openen van de schutsluizen in het Noordzeekanaal komt er telkens veel zout water binnen. Dat leidt tot verzilting van de landbouwgrond; die gaat achteruit. Het heeft ook gevolgen voor de natuur: er gaan bijzondere planten groeien op die zilte grond. Omdat de waterstromen ondergronds met elkaar in verbinding staan, zijn er ook weer effecten verderop.”

“Dit onderzoek voor Rijkswaterstaat gaat waarschijnlijk langere tijd lopen. Ik kan blijven meewerken maar moet nog zien of het te combineren is met de Master Hydrologie die ik komend studiejaar ga doen. Ik houd veel van kaarten en vind onderzoek doen leuk dus ik hoop betrokken te blijven.’